1920-2020 – Honderd jaar Ijzerbedevaart.

Op 4 september 2020 zal het precies 100 jaar geleden zijn dat de allereerste Ijzerbedevaart werd gehouden in Steenkerke aan het graf van Joe English, een naam die regelmatig zal terugkomen.

Naar aanleiding hiervan zullen wij volgend jaar hier een tentoonstelling over organiseren.

Liever deden we het dit jaar maar iedereen zal begrijpen dat in deze onzekere tijden van Corona alles uiteraard moet worden verschoven.

We vinden het zeer belangrijk dat de Ijzerbedevaarten , de Ijzertoren en de frontsoldaten uit de eerste wereldoorlog de nodige aandacht verdienen.

Aangezien deze onderwerpen stilaan taboe geworden zijn in de moderne geschiedschrijving en de meeste jonge mensen, ook in de Vlaamse beweging, in de verste verte niet meer weten hoe dit alles tot stand gekomen is zullen wij enkel bijdragen leveren om deze bijna vergeten geschiedenis onder de aandacht te brengen.

Deze adelbrieven kunnen we onmogelijk laten verloren gaan.


Postkaart uit het archief van Jan de Beule

Vaderlandse sigaren etiket 1917 uit het archief van Jan de Beule 

Het ontstaan van de Ijzerbedevaart.

Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog in 1914 werden de jonge mannen van het land onder de wapens geroepen.

Koning Albert richtte zich in een toespraak tot de Vlaamse jongeren met de legendarische oproep: ‘Vlamingen, gedenkt de slag der Gulden Sporen’.

Deze oproep liet vele jonge Vlaamse mannen niet onberoerd en velen trokken naar het front.

Ongeveer 80 procent van het Belgisch leger bestond aan het Ijzerfront dan ook uit Vlamingen die op een paar uitzonderingen de Franse taal niet machtig waren.

Daar tegenover stond dan een vrijwel geheel Franstalig hoger kader en was de aanvoertaal in het Belgisch leger de Franse taal met alle gevolgen van dien.

De onvrede hierover was bij de Vlaamse soldaten zeer groot en het verzet hiertegen groeide ook naarmate de oorlog vorderde.

Ook de onderdrukking van de Nederlandse taal en de uiting van elk Vlaams bewustzijn door het hoger legerleiding werd steeds harder en er kwam ook bestraffing tegen elke vorm van aanklacht tegen deze wantoestanden.

Dat het Belgisch patriottisme Fransgezind is was meer dan duidelijk.

Zelfs tot in de dood werden de Vlaamse soldaten miskend ofschoon het Belgisch leger aan het Ijzerfront uit 4/5 Vlamingen bestond.

Dit kwam pijnlijk tot uiting wanneer de vele Vlaamse gesneuvelde soldaten de Franse tekst ‘Mort pour la Patrie’ op hun graf kregen.

Het Vlaams verzet hiertegen groeide en onder leiding van Cyriel Verschaeve (foto1) en Jozef Verduyn


Foto uit het archief van Jan de Beule

werd in augustus 1916 het comité voor Heldenhulde in het leven geroepen die zich als taak voor ogen nam om op de graven van de gesneuvelde Vlaamse jongens een Vlaamse grafzerk te plaatsten.

Het idee van het Heldenhulde zerk was geboren en voor dit initiatief werden geldinzamelingen gehouden.

Kunstenaar Joe English

Foto uit het archief van Jan de Beule

die van Ierse afkomst was ontwierp het heldenhulde zerk, een Keltisch kruis als kruiskop met de letters AVV-VVK (alles voor Vlaanderen, Vlaanderen voor Christus) met daaronder de opvliegende blauwvoet, het symbool van de Vlaamse strijd.

Ontwerp heldehulde zerk door Joe English. Postkaart uit het archief van Jan de Beule

Dit was de leuze van de Katholieke studenten die in het leven werd geroepen door Frans Drijvers.

De eerste plaatsing van deze Heldenhulde zerken was een feit.

In de eerste maanden van 1918 werden op het kerkhof van Oeren ,een dorpje vlakbij Alveringem gelegen uit de frontlijn van het Ijzerfront , een groot aantal van deze heldenhulde zerken onteerd doordat de letters AVV-VVK door onbekenden met cement werden dichtgestreken.

Postkaart uit het archief van Jan de Beule

Onder leiding van Rik Demoen trok een groep Vlaamse soldaten naar het kerkhof in Oeren om de letters AVV-VVK dubbel zo groot met verf op de kruiskop te schilderen.

Postkaart dicht gesneden kruiskop op het kerkhof van Oeren. Uit het archief van Jan de Beule

Nog voor de wapenstilstand van de eerste wereldoorlog op 11 november 1918 overleed Joe English in een veldhospitaal en ontstond de gedachte om hem, wanneer de oorlog voorbij zou zijn, een passende hulde te brengen.

Begin 1920 werd een hulde comité opgericht met vele vooraanstaande academici, intellectuelen en geestelijken uit de frontbeweging of sympathisanten ervan.

De bekendste namen waren Cyriel Verschaeve , Maria Belpaire, Frans Daels, Pater Callewaert, Paul Vandermeulen maar ook Hugo Verriest , Filip De Pillecijn en Joris Van Severen.

Dit was de aanzet voor de eerste herdenking in 1920 die later zullen uitgroeien tot de massa bijeenkomsten die de Ijzerbedevaarten naar de Graven van de Ijzer werden genoemd.


Tekening Joe English 

In het weekeinde van 4-5 en 6 september 1920 verzamelden enkele honderden mensen, vooral oud-strijders en studenten, rond het graf van Joe English in Steenkerke.

Kenteken eerste IJzerbedevaart. Werd voor de eerste 4 bedevaarten als herkeningsteken gebruikt (uit het Archief van Jan de Beule)

Ze verzamelden er voor de inhuldiging van het grafmonument van Joe English met onder de aanwezigen ook Stijn Streuvels en Ernest Claes.

Dit weekeinde waren hieromtrent allerlei bijeenkomsten en vergaderingen, niet alleen in Steenkerke maar ook op verschillende andere plaatsen in het land. Deze beweging had ook al meer vorm en inhoud gekregen en werd meer en meer strijdvaardig.

Hier ontstond dan ook de leuze ‘nooit meer oorlog’ (die later in 4 talen op de ijzertoren zou prijken) en werd er front gevormd tegen een militair verbond met Frankrijk.

postkaart oorlogsaanklacht (uit het Archief Jan de Beule)

Een dag later werd er ook bijeengekomen in Steenstraete waar de gebroeders Van Raemdonck sneuvelde.

Hier werd een toespraak gehouden door Clement De Landsheer die zijn wens uitdrukte dat er elk jaar zou worden samengekomen op een plaats waar ze al de gesneuvelde soldaten te herdenken.

Fotopostkaart gebroeders Van Raemdonck (uit het Archief van Jan de Beule)

In de loop van 1921 krijgt het hulde comité voor de gesneuvelde soldaten meer en meer vorm en het krijgt nu ook een officiële naam, namelijk:

‘Algemene bedevaart naar de graven van de IJzer’ die ook de tweede IJzerbedevaart aankondigen, ditmaal naar het graf van de gebroeders Van Raemdonck in Steenstraete.

postkaart broederliefde (uit het Archief Jan de Beule)

De dood van de gebroeders Frans en Edward Van Raemdonck en zeker de wijze waarop had vele duizenden jonge Vlaamse mensen aangegrepen en ze groeiden zo ook uit tot een voorbeeld van broederliefde en trouw. De gezegden van Frans Van Raemdonck, ‘Te saam vereend in vreugde en nood’ en ‘als wij vallen is het eerst voor Vlaanderen’ weerklonken sterker dan ooit.

foto graf gebroeders van Raemdonck in Steenstraete waar het huidige monument nu staat en tevens de IJzewakes van vandaag plaatsvinden (uit het Archief Jan de Beule)

Op zondag 27 augustus 1922 vindt de derde IJzerbedevaart plaats, ditmaal naar het graf van Renaat De Rudder die begraven lag in West-Vleteren.

Wie was nu eigenlijk deze Renaat De Rudder?

Renaat De Rudder melde zich piepjong als Vlaamse oorlogsvrijwilliger in 1916, hij was toen nog niet de volle 16 jaar oud en was ook actief in de frontbeweging die de streden voor de rechten van de Vlamingen in het Belgische leger.

In december 1917 melde hij zich vrijwillig voor gevaarlijke patrouille en verkenningstocht en werd hij hier, weliswaar per vergissing, getroffen door een belgische kogel waar hij kort daarna overleed in een militair hospitaal te Hoogstade.

Later kreeg hij dan ook als titel ‘de heilige van den Ijzer’.

foto graf Renaat de Rudder  (uit het Archief Jan de Beule)
Pentekening Renaat de Rudder (uit het Archief Jan de Beule) 

Op deze bedevaart waren al enkele duizenden bedevaarders aanwezig waaronder ook al verschillende moeders, vrouwen en meisjes, in tegenstelling tot de vorige 2 bedevaarten waar vooral mannelijke oud-strijders en studenten aanwezig waren. Ook een 50-tal vlaggen werden in de optocht van Oost naar West-Vleteren meegedragen. Jeroom Leuridan en Adiel Debeuckelare spraken de aanwezigen toe, er werd dus zeer duidelijke taal gesproken. Debeuckelaere wees erop dat men hier niet enkel samen was gekomen om de doden te herdenken maar ook voor een heus gewetensonderzoek te voeren. ‘Het levende Vlaanderen heeft tot plicht de wil van het dode Vlaanderen uit te voeren.’

Hiermee was de toon dan ook meteen gezet voor de volgende bedevaarten met de duidelijke boodschap dat de Ijzerbedevaart meer moest zijn dan enkel een dodenherdenking.

postkaart Renaat De Rudder (uit het Archief Jan de Beule)

In 1923 vond de vierde IJzerbedevaart plaats in Oeren-Alveringem op 26 augustus.

Deze plaats werd uitgekozen omdat hier in de nacht van 9 op 10 februari 1918 tal van Vlaamse Heldenhuldezerken werden geschonden.

propaganda postkaart voor de 23e IJzerbedevaart (uit het Archief van Jan de Beule)

Deze IJzerbedevaart was een kantelmoment voor de latere IJzerbedevaarten die meer en meer structuur kregen en waar ook organisatorisch de aanpassingen op zich opdrongen. Professor Frans Daels werd voorzitter van het IJzerbedevaart comité die samen met o.a. Clement De Landsheer en Jeroom Leuridan de werking verder moesten uitbouwen. 1923 betekende dan ook de grote doorbraak voor de IJzerbedevaarten. De vijfde IJzerbedevaart op 31 augustus in 1924 was de eerste bedevaart die zou plaatsvinden in Kaaskerke-Diksmuide op het terrein waar de dag van vandaag nog steeds de huidige IJzertoren staat.

postkaart IJzerbedevaart 1924 (uit het Archief van Jan de Beule)

Vanaf 1923 werden er allerlei kleinoden vervaardigd die zouden worden verkocht om een stuk grond te verwerven om jaarlijks de  te kunnen organiseren. Er werden ook ere aandelen verkocht om dit alles te bekostigen. Het idee was om een grote monumentale toren te bouwen aan de oever van de IJzerrivier. Deze toren moest het heldenhuldezerk dat ontworpen was door Joe English symboliseren en dit ter nagedachtenis van alle gesneuvelde Vlaamse soldaten tijdens de grote oorlog. 

Aandelenboekjes voor de aankoop van grondstuk en het oprichten van een ijzermonument (uit het Archief van Jan de Beule)

Vanaf dit jaar werden ook de eerste verslag boekjes uitgegeven ter herinnering aan de IJzebedevaarten. De verslagboekjes werden uitgegeven door Clement De Landsheer waar het secretariaat van de ‘Bedevaarten naar de Graven van den IJzer’ was gevestigd.

De Landsheer woonde in Temse, het mooie dorp aan de Schelde in het Waasland waarvan ook de gebroeders Van Raemdonck afkomstig van waren.

De eerste 2 verslagboekjes over de eerste IJzerbedevaarten (uit het Archief van Jan de Beule)

Het was Pater Callewaert die de toespraak hield en ook het grondstuk en de aanwezige mensenmassa zegende.

Dat deze vijfde IJzerbedevaart zou uitgroeien tot de grootste jaarlijkse bijeenkomst van het land kon op dit moment nog geen mens vermoeden.

IJzerbedevaart Vlagje pater Callewaert van de IJzerbedevaart in 1924

(uit het Archief van Jan de Beule)

Foto pater Callewaert tijdens de 5de IJzerbedevaart in 1924

(uit het Archief Jan de Beule)

De aanloop naar de zesde IJzerbedevaart van 1925.

Na het einde van de eerste wereldoorlog op 11 november in 1918 stonden er in de West Vlaamse frontstreek nog zo een kleine 1000 heldenhulde zerken verspreid over de verschillende kerkhoven.

De zerken bleven een door in het oog voor de Belgische regering en de militaire overheid die voor eens en altijd komaf wou maken met deze Vlaamse Heldenhulde zerkjes. In mei 1925 werden er een 800 tal van deze zeken verzameld op legervrachtwagens.

Het kerkhof van Oeren waar in 1918 door diezelfde militaire overheid al eens grafschennis werd gepleegd was het eerste kerkhof waar alle zerken werden verwijderd.


Pallieter 5 september 1925 (uit het Archief Jan de Beule)

Postkaart vernieling Heldehuldezerkjes (uit het Archief Jan de Beule)

Deze zerken werden grotendeels stukgeslagen om een bedding aan te leggen voor een nieuwe weg te Adinkerke en West Vleteren

Postkaarten vernielde IJzerzerkje (uit het Archief Jan de Beule)

Dit stuitte op groot verzet bij de plaatselijke bevolking en uiteraard ook bij het IJzerbedevaart comité die hiertegen tal van protesten voerde waardoor de vernieling van de zerken werd stopgezet.

Door deze massale grafschennis kwam het ook tot hevige discussies in het Belgische parlement.

Na verschillende interpellaties van volksvertegenwoordiger Staf De Clercq en mede door de hevige protesten van het IJzerbedevaart comité werden later 226 zerken van de ruim 800 verwijderde zerken teruggegeven.

Hier komen we later nog op terug.

Door de vernieling van de heldenhulde zerken kwam er dus een grote streep door het idee van het IJzerbedevaart comité om alle zerken samen te brengen, zoals Joe English het had getekend, op een groot terrein rond een groot monument dat een Heldenhulde zerk moest symboliseren.

Er werd door het IJzerbedevaartcomité definitief besloten om een groots monument te bouwen ter ere van alle Vlaamse gesneuvelde IJzer soldaten.

Er werd door het IJzerbedevaart comité een prijsvraag uitgeschreven, een soort van wedstrijd voor het beste ontwerp voor het groots IJzermonument in wording.

De jury die het uiteindelijk ontwerp zou kiezen uit de 39 ingezonden stukken bestond uit verschillende kunstenaars, architecten en Vlaamse vooraanstaande figuren zoals Lagae, Groenweghe, Goosenaerts, Verbruggen, Speybrouck, Dambré, Mevrouw Joe English, August Vermeylen en Cyriel Verschaeve.

Het uiteindelijke ontwerp dat werd uitgekozen voor de bouw van het IJzermonument wad dat van de gebroeders Van Averbeke.

Winnend ontwerp gebroeders van Averbeke . Druk op A4 formaat (uit het Archief Jan de Beule)

De zesde IJzerbedevaart vindt plaats op 30 augustus 1925.

Mede door de drieste gebeurtenissen van de massale grafschennis eerder dat jaar groeit deze IJzerbedevaart uit tot een massa van 20 000 mensen.

Kenteken IJzerbedevaart 1925 (uit het Archief Jan de Beule)

Verslag uit 'ons leven' en uit 'ons land' 1925 (uit het Archief Jan de Beule)

Pater Van der Linden sprak de bedevaarders toe met een felle preek over de grafschending van de Belgische overheid en Professor Frans Daels hekelde de militaire overheid die van de Vlaamse soldaten onvoorwaardelijke trouw vroeg maar enkel werden miskend en misbruikt met als klap op de vuurpijl nog vernielde graven tot gevolg.

Op deze IJzerbedevaart werd ook voor het eerst ‘De eed van trouw’ aan Vlaanderen gezworen, een fenomeen dat zich sindsdien jaarlijks zal blijven herhalen.

Eed van trouw aan Vlaanderen:

O land van roem en rouwe, van liefde en lijdensnood.

Gij wordt weer vrij en groot.

Wij zweren Houwe Trouwe, U, Vlaanderen tot der dood.

In deze gebeurtenissen is naar alle waarschijnlijkheid ook de oorzaak terug te vinden waarom de Vlaamse Beweging pas echt anti Belgisch is geworden na de eerste wereldoorlog.

 

Op 22 augustus in 1925 vindt de zesde IJzerbedevaart plaats in Diksmuide waar de IJzerbedevaarten nu hun vaste plaats hebben verkregen.

Herkeningsteken en programma 6e IJzerbedevaart 1925

 (uit het Archief Jan de Beule)

Verslag van de 6e IJzerbedevaart 1926 in 'ons volk ontwaakt'

(Uit het Archief Jan de Beule)

In het bijzijn van van de moeder van Renaat De Rudder, de twee kinderen van Joe English, de zus van de gebroeders Van Raemdonck en verschillende familieleden van andere gesneuvelde IJzer soldaten wordt er een grote houten paal ingewijd op de plaats waar uiteindelijk de eerste IJzertoren moet komen.

Professor Frans Daels en Hendrik Borginon spreken de bedevaarders toe.

Borginon spreekt in naam van het V.O.S., het Verbond van Vlaamse Oudstrijders.

De samenzang werd geleid door Jef van Hoof.

Originele foto Jef Van Hoof op de IJzerbedevaart 1926 (uit het Archief van Jan de Beule)

Originele foto  de mensenmassa op de IJzerbedevaart 1926 (uit het Archief Jan de Beule)

Voor het eerst melde het IJzerbedevaart ook dat het nieuwe op te richten IJzerkruis niet enkel mag opgevat worden als een gedenkteken voor de gesneuvelde Vlaamse soldaten maar ook als monument voor de ‘harde strijd voor het volle Vlaamse recht en als een hoeksteen der eindelijke ontwaking en zelfwording’

1927: de 8ste  IJzerbedevaart.

De 226 overgebleven heldenhulde zerken van de meer dan 800 zerken die die in 1925 door de militaire overheid op legervrachtwagens werden geladen maar van vernieling gespaard bleven werden eerder op dit jaar na fel protest en verschillende tussenkomsten in het parlement door volksvertegenwoordiger Staf De Clercq uiteindelijk na 2 jaar teruggegeven.


Origineel kenteken en programma boekje 8ste IJzebedevaart 1927 7
(Uit het Archief van Jan de Beule)
Pallieter 3 september 1927
(Uit het Archief Jan de Beule)

Een deel van deze heldenhulde zerkjes werden ter gelegenheid van de 8e IJzerbedevaart samengebracht op de weide waar meer dan 100 000 mensen, na de openluchtmis op de markt van Diksmuide, naar kwamen afgezakt. Deze 100 000 mensen luisterden naar een felle toespraak van Professor Frans Daels maar ook naar een groet uit Nederland en Zuid Vlaanderen wat nu bekend staat als Frans Vlaanderen.

De groet uit Nederland werd gebracht door de voorzitter van de Dietsche Bond te Amsterdam W.P. de Koning.

 De groet uit Zuid Vlaanderen werd gebracht door Priester F. Raes, die aalmoezenier was voor de Vlaamse arbeiders in Frankrijk.

Op deze manier wou het Ijzerbedevaart comité de nadruk leggen op de verschillende volksdelen die waren gescheiden.

De groot Nederlandse gedachte werd hierbij duidelijk benadrukt.


Krant De Schelde 23 augustus 1927 (Uit het Archief Jan de Beule)

Fotos IJzerbedevaart album familie De Beule (Uit het Archief Jan de Beule)

De plannen van de bouw van de IJzertoren waren rond en er was beslist om de toren 50 meter hoog te bouwen. De bouw van de toren werd uitgevoerd door de gebroeders De Tandt uit Nederbrakel. Op 2 juni legt Cyriel Verschaeve de symbolische eerste steen zodat men kan starten met de bouw van het voetstuk van de IJzertoren het op de 9de  IJzerbedevaart zou kunnen worden ingewijd.

Originele foto eerste steenlegging IJzertoren door Cyriel Verschaeve

(Uit het Archief Jan de Beule)

Originele postkaart 1928

(Uit het Archief Jan de Beule)

De 9de IJzerbedevaart vond plaats op 19 augustus 1928.

Door de gebeurtenissen van het jaar ervoor werd er een frontale en georganiseerde aanval ingezet door vooral de Franstalige pers.

Ook in Vlaanderen sloeg de Belgische pers wild om zich heen.

Origineel programma en herkeningsteken IJzerbedevaart 1928 (Uit het Archief Jan de Beule)

De groet uit Nederland en Zuid-Vlaanderen tijdens de bedevaart in 1927 was duidelijk een steen des aanstoots. De pers hekelde een Vlaamse en Groot-Nederlandse IJzerbedevaart en drukte erop dat er enkel sprake kon zijn van Belgische herdenkingen en riep dus ook op om kordaat en hard in te grijpen. Van de IJzerbedevaarten moesten Belgische bedevaarten gemaakt worden omdat het hier tenslotte om Belgische soldaten ging.

Dat de IJzerbedevaarten naar de graven aan de IJzer op een steeds grotere belangstelling kon rekenen en de idee vorming rond de te bouwen toren meer vorm kreeg, was een enorme doorn in het oog van de Belgische elite waardoor de tegenkanting groeide.

De morgenpost 20 augustus 1928 

(Uit het Archief Jan de Beule)  .

Ons volk ontwaakt 26 augustus 1928

(Uit het Archief Jan de Beule)

Originele foto van de bouw ijzertoren in 1928 (Uit het Archief Jan de Beule)

De 10de IJzerbedevaart op 18 augustus 1929 gaat de geschiedenis in als de vredesbedevaart. Rond de bijna voltooide IJzertoren kwam er ook ditmaal veel volk opdagen. Er werd zelfs een noodbrug aangelegd over de IJzer om de mensen massa op een veilige manier van de linker naar de rechter IJzer oever te laten stappen.

Origineel kenteken en programma 9de IJzerbedevaart 1929 (Uit het Archief Jan de Beule)

Deze bedevaart stond in teken van ‘Nooit meer oorlog’ en er werden bloemenkransen neergelegd door Franse, Engelse en Duitse oud-strijdersbonden die zich samen konden vinden in de vredesboodschap rond de IJzetoren.

Voor de Belgische overheid werkte dit als een rode lap op een stier.

Ons land 24 augustus 1929

(Uit het Archief Jan de Beule)

Originele postkaart verstuurd uit Diksmuide tijdens de IJzerbedevaart 1929 (Uit het Archief Jan de Beule)

De bisschop van Gent weigerde E.H. Verbist om de mis op te dragen aan het IJzerkruis en de toenmalige minister van justitie Janson verbood zelfs de toegang tot ons land aan Nederlanders die de IJzerbedevaart wensten bij te wonen. Ze werden tegengehouden aan verschillende grensovergangen en werden teruggestuurd. Ondanks deze drastische maatregelen bracht de Nederlandse letterkundige Bernard Verhoeven de groet uit Nederland.

Op 12 oktober van ditzelfde jaar 1929 legde Mevrouw Daels de laatste steen ter voltooiing van de IJzertoren, een sluitsteen waar brokstukken van de vernielde Heldenhulde zerkjes werden mee ingemetseld.

Mevrouw Daels bij de laatste steenzetting van de ijzertoren op 12 oktober 1929 (Uit het Archief Jan de Beule)

De stormloop van 1930.

1930, het jaar waarin Belgie zijn eeuwfeest viert staat bekend voor een zeer woelige IJzerbedevaart die plaatsvond op 24 augustus.

De aanloop naar deze IJzerbedevaart verliep in een sfeer van intimidatie door de Belgische overheid, zowel de burgerlijke als de kerkelijke overheid lieten zich weer eens van hun zeer smalste kant zien. Zo was er de bisschop van Brugge, Monsigneur Waffelaert die alle geestelijken verbood om aan de IJzerbedevaart deel te nemen en kreeg ook geen enkele priester het verlof of de toelating om de mis op te dragen voor de naar schatting 110 000 bedevaarders.

Origineel programma 11de IJzerbedevaart 1930. Het herkeningsteken was een opsteek pin.  (Uit het Archief Jan de Beule)

De Belgische overheid verbood dan weer de Nederlander L. Simons en de Zuid-Afrikaan Dokter Bosmans een Dietse groet te brengen als teken van volksverbondenheid. Omdat er zelfs een verbod was voor alle legeraalmoezeniers werd de mis uiteindelijk opgedragen door de ere-legeraalmoezenier Dom Modest van Assche.

Origonele foto Dom Modest van Assche bij zijn verboden toespraak aan de ijzertoren in 1930 (Uit het Archief Jan de Beule)

De klok in de IJzertoren die de naam Nele kreeg uit respect voor alle sterke Vlaamse vrouwen werd ingewijd door pastoor Karel Blancke, de oudste nog levende Blauwvoeter uit de tijd van Albrecht Rodenbach. Het was de eerste IJzerbedevaard rond een volledig voltooide toren en het zou een feestelijke editie moeten worden. 2 Dubbeldek vliegtuigen gehuurd door de Vlaamse Automobilisten bond brachten sierlijke vormen in de lucht als eerbetoon aan alle gesneuvelde soldaten tot plots een derde vliegtuig verscheen.

Dit vliegtuig, een eendekker vloog zeer laag over de grote massa en wierp vele duizenden Belgische tricolore vlaggetjes uit over de massa alsook een pro Belgisch en koningsgezind pamflet met als titel:’ Aan de Vlamingen.’

Origineel uitgeworpen pamflet 1930 (Uit het Archief Jan de Beule)

Hierop reageerde de massa uiteraard furieus, nog voor de bedevaart ten einde was trok eer zeer grote groep van bedevaarders door de straten van Diksmuide en koelden hun woede op enkele daar aanwezige Belgische vlaggen. Al snel kwam het tot relletjes met de aanwezige rijkswacht en de rijkswacht cavalerie en werden er een 10-tal personen voorgeleid. Dit was enkel maar een voorproefje op wat nog komen zou.

Het abnormaal groot aantal gendarmes die dag mag erop wijzen dat dat de provocerende Belgische overheid goed wist dat er ‘iets’ op til was.

De aangevoerde rijkswacht troepen waren ook voor 100 procent Franstalig.

Originele postkaart rellen 1930 (Uit het Archief Jan de Beule)

Dit nieuws verspreide zich als een lopend vuur tot op de bedevaartweide waar spontaan een protestmars ontstond in de straten van Diksmuide.

Het kwam tot zeer zware incidenten waar de rijkswacht op de massa insloeg met de blanke sabel en geweerkolven. Meer dan 80 bedevaarders werden gekwetst waaronder één dodelijk. De bedevaarders bezetten de grote markt in Diksmuide waarna de rijkswacht cavalerie de bedevaarders insluit en ze met de blanke sabel te lijf wil gaan. Het is het IJzerbedevaar comité in hoofde van professor Daels die hier nipt een groter bloedbad kan vermijden.

Persknipsels met de Nele klok ingewijd in 1930. (Uit het Archief Jan de Beule)

De jaren 20 en 30 waren cruciaal voor de uitbouw van de IJzerbedevaarten.  Het politieke landschap was volop in beweging, niet alleen in ons land maar in heel de wereld. Er ontstonden nieuwe politieke stromingen en bewegingen en die hadden ook hun invloed op België. Ook in het IJzerbedevaart comité en de Vlaamse beweging was dit goed voelbaar en zorgde daar toen reeds voor onderliggende spanningen. De Vlaamse beweging die door de eerste wereldoorlog en zijn gevolgen voor een groot deel dat pas nu anti Belgisch was geworden kreeg af te rekenen men wat men toen bestempelde als ‘minimalisten’ en maximalisten (lees gematigden en radicalen). Ook kon de Vlaamse bewegingen de groeipijnen tussen katholieken en socialisten moeilijk de baas. De idee van de godsvrede om al deze verschillen te bedekken is hierdoor ontstaan om zo te trachten het hoger ideaal door iedereen te kunnen laten volgen als was dit niet eenvoudig en zelfs onmogelijk op langere termijn.

Eeuwig durende kalenders. Voor minimalisten en maximalisten, voor elk wat wils. (Uit het Archief jan de Beule)

De toenmalige socialisten gingen die tijd verder in de strijd voor de Vlaamse eisen dan bijvoorbeeld de katholieken en soms zelf als Vlaams Nationalisten maar ook voor de ‘nooit meer oorlog’ gedachte. Dit kon men duidelijk lezen in de vele verschillende tijdschriften en kranten die het politieke landschap toen rijk was. Het was dus zeker niet eenvoudig voor het IJzerbedevaart comité om hier een weg in te vinden en deze vele stromingen met elk hun eigen agenda te binden rond de idee van Vlaamse frontsoldaten. De 12de IJzerbedevaart in 1931 op 23 augustus verloopt, in tegenstelling tot het jaar voordien, in alle rust en kalmte en stond in teken van de frontsoldaat Renaat De rudder.

programmaboekje en herdenkingsteken van de 12de IJzerbedevaart 23 augustus 1931 (Uit het Archief Jan de Beule)

Oud-strijder en beeldhouwer Karel Aubroeck had de opdracht gekregen van het IJzerbedevaar comité om 4 beelden te ontwerpen die tegen de IJzertoren zouden geplaatst worden. Het beeld van Renaat De Rudder was het eerste beeld tot voltooid was en werd ook op deze bedevaart in het bijzijn van 200 000 mensen ingewijd.

het pas onthulde beeld van Renaat de Rudder op de IJzertoren  (Uit het Archief Jan de Beule)

Ook was het de bedoeling om het stoffelijk overschot van Renaat De Rudder op deze IJzerbedevaart bij te zetten in de crypte van de IJzertoren maar de overheid verhinderde dat het lichaam zou worden overgebracht. Er werd dan ook een telegram gestuurd aan de overheid in naam van de 200 000 bedevaarders waarin ze deze beslissing zwaar op de korrel namen. Na de IJzerbedevaart werden de bedevaarders opgevangen in grote tenten waar de ’Nooit meer oorlog-federatie’ werd opgericht.

postkaarten naar aanleiding van de 12de IJzerbedevaart 1931 (Uit het Archief Jan de Beule)

De dertiende IJzerbedevaart op 21 augustus 1932 zal een zeer ingetogen bedevaart worden van eer zeer grote symbolische waarde.

Programma en kenteken 13de IJzerbedevaart 1932 (Uit het Archief Jan de Beule)

Acht gesneuvelde frontsoldaten zullen deze dag worden bijgezet in de crypte van de IJzertoren. Het ging om Frans en Edward van Raemdonck, Renaat De Rudder, Joe English, Firmin Deprez, Frans Kusters, Hubert Willems en Frans van der Linden.

Op een ingetogen rit werden de lichamen van de IJZERHELDEN OVERGEBRACHT NAAR DE CRYPTE VAN DE Ijzertoren op huifkarren met witte afdekkap.

Originele foto van de plechtige overbrenging van de 8 IJzerhelden in 4 huifkarren (Uit het Archief Jan de Beule)

Op deze IJzerbedevaart die in het teken stond van vrede en verzoening, liet het IJzerbedevaartcomité door de grote menigte van bedevaarders 2 moties goedkeuren voor ontwapening en amnestie. Dokter August Borms die in 1929 uit de gevangenis moest worden vrijgelaten omdat hij een klinkende verkiezingsoverwinning had behaald en zo was uitgegroeid tot het toonbeeld van de amnestie gedachte was op deze IJzerbedevaart een gevierde gast.

Originele foto met handtekening dokter August Borms 1932 (Uit het Archief Jan de Beule)

Deze bedevaart werd er heel wat gehuldigd, zo werd deze dag de bedevaart voorzitter Frans Daels 50 jaar en ook werd het tweede beeld van beeldhouwer Karel Aubroeck tegen de zijflank van de IJzertoren geplaatst, het was het beeld van Joe English.

Tijdschrift De Stad Antwerpen 26 augustus 1932

(Uit het Archief Jan de Beule)

Originele foto onthulling beeld joe english (Uit het Archief Jan de Beule)

Ons volk 28 augustus 1932 (Uit het Archief Jan de Beule)

De veertiende IJzerbedevaart op 20 augustus 1933 was een grote hulde aan de gebroeders van Raemdonck.

Programma en herkenningsteken 14de IJzerbedevaart 1933 (Uit het Archief Jan de Beule)

Op deze bedevaart die weerom de 200 000 mensen was overstegen werd dan ook het derde beeld van beeldhouwer Karel Aubroeck tegen de flank van de Ijzertoren geplaatst, uiteraard van de gebroeders van Raemdonck die sneuvelden in elkaars armen.

Originele foto beeld van de gebroeders van Raemdonck tijdens de onthulling in 1933 (Uit het Archief Jan de Beule)

In de crypte van de IJzertoren werd ook ‘de steen van Merkem’ ondergebracht. Deze pompsteen stond in het frontdorpje Merkem voor de Kerk. Merkem werd zo goed als volledig vernield tijdens de gevechten in de grote oorlog en tijdens een nachtelijke actie van Vlaamse frontsoldaten in 1918 werd op deze steen de leuze ‘Hier ons bloed wanneer ons recht’ aangebracht. Dit was uiteraard een aanklacht tegen de Belgische Franskiljonse legerleiding. De legende zegt dat de leuze werd aangebracht met het bloed van gesneuvelde Vlaamse frontsoldaten.

Foto steen van Merkem in de crypte van de IJzertoren 
(Uit het Archief Jan de Beule)

Originele postkaart van de steen van Merkem op zijn oorspronkelijke plaats (Uit het Archief Jan de Beule)

Op de vijftiende IJzerbedevaart van 19 augustus 1934 werd de IJzertoten voltooid door het aanbrengen van het vierde beeld van Karel van Aubroek.

programma en kenteken van de 15 de IJzerbedevaart 19 augustus 1934 (Uit het Archief Jan de Beule)

Originele postkaart van de voltooiing van de 4 beelden aan de flanken van de IJzertoren (Uit het Archief Jan de Beule)

Dit beeld was ter ere van Frans van der Linden en Lode de Boninge en werd dan ook plechtig ingehuldigd en er werd ook een manifest voor de wereldvrede de wereld ingestuurd dat op de nodige internationale belangstelling kon rekenen.

inhuldiging van het 4de en laatste beeld aan de flanken van de IJzertoren van Lode de Boninge en Frans van der Linden  (Uit het Archief Jan de Beule)

De zestiende bedevaart op 18 augustus 1935 stond in teken van Vlaanderen en de vrede. De internationale spanningen tussen Duitsland en Frankrijk en Engeland nemen toe en al snel voelt men ook hieraan dat een groot conflict wel eens hangende zou kunnen zijn. Men wil hier, met de grote oorlog nog in gedachte, duidelijk een standpunt innemen dat oproept voor wereldvrede en nooit meer oorlog.

Programma en herdenkingsteken van de 16de IJzerbedevaart 18 augustus 1935 (Uit het Archief Jan de Beule)

Voorzitter Frans Daels hield in zijn toespraak een vurige rede tegen het Belgisch-Frans militair akkoord, het zogenaamde bloedakkoord, dat volgens hem een gevaar was voor de internationale vrede. Men wou in geen geval nog een herhaling van een oorlog, en geen bloedvergieten van Vlaamse soldaten voor een Franstalige en Parijse elite. Ook de kreet ‘los van Frankrijk’ werd op algemeen applaus onthaald. Tevens was er traditioneel ook de groet uit Nederland, ditmaal door Alfons Laudy, de toenmalige hoofdredacteur van het dagblad ‘De Tijd’ uit Amsterdam die de IJzertoren omschreef als het familiegraf van het Vlaamse volk. Eveneens werden in de toren gedenkplaten onthuld voor Alfons van de Perre, Oscar de Gruyter en Cyriel Verschaeve.

Ons volk 11 augustus 1935 (Uit het Archief Jan de Beule)

Originele postkaart IJzerbedevaart 1935 (Uit het Archief Jan de Beule)

De 17de  IJzerbedevaart op 23 augustus 1936 stond volledig in het teken van de gesneuvelde frontsoldaten Firmin Deprez en Frans Kusters en Hubert Willems.

Herdenkingsteken en programmaboekje Ijzerbedevaart 1936 (Uit het Archief Jan de Beule)

Ook deze keer was er wederom zeer felle kritiek op het militair akkoord tussen België en Frankrijk. Voor de toenmalige radio was dit dan weer een reden om niets van de toespraken van de IJzerbedevaart uit te zenden

originele foto IJzerbedevaart 1936 familiealbum De Beule (Uit het Archief Jan de Beule)

originele foto IJzerbedevaart 1936 familiealbum De Beule

(Uit het Archief Jan de Beule)

de zondagsvriend 27 augustus 1936 (Uit het Archief Jan de Beule)

Na de IJzerbedevaart legt het IJzerbedevaart comité nog bloemen neer op het Duitse militaire kerkhof in Zarren Roggeveld waar toen nog de beelden stonden die werden gemaakt door de beroemde kunstenares Käthe Kollwitz. 

Kollwitz maakte de beelden speciaal voor haar overleden broer die daar als Duitse soldaat tijdens de grote oorlog sneuvelde en aldaar ook begraven was. Later wanneer de kleinere militaire kerkhoven werden geruimd om de gesneuvelden samen te brengen op grotere kerkhoven verhuisde de beelden samen met het stoffelijk overschot van Peter Kollwitz naar het Duitse Militaire kerkhof in Vladslo waar ze tot op de dag van vandaag nog steeds staan.


het treurende ouderpaar van Käthe kollwitz op de Duitse militaire begraafplaats in Valdslo (Uit het Archief Jan de Beule)

De 18de IJzerbedevaart op 22 augustus 1937 was een bijzondere editie die zeker niet onopgemerkt is voorbijgegaan.

Op deze dag werd de gesneuvelde Luitenant Juul De winde uit Merchtem bijgezet in de crypte van de ijzertoren in het bijzijn van zijn vader en moeder.

De kist werd plechtig binnengedragen door 6 oud-strijders uit zijn geboortedorp Merchtem.

Herdenkingsteken en programmaboekje IJzerbedevaart 1937 (Uit het Archief Jan de Beule)

In het kader van een groots opgezette amnestie actie was door het verbond van Vlaamse Oud-strijders opgeroepen aan de Vlaamse frontsoldaten om hun gekregen decoraties voor hun verdiensten aan het front af te staan.

Met de ingezamelde decoraties werd een zeer groot paneel gemaakt met de tekst ‘amnestie 1937’ om zo de amnestie eis kracht bij te zetten.

Originele foto amnestie eis 1937 gemaakt uit ingeleverde decoraties van oud-strijders (Uit het archief Jan de Beule)

Professor Daels hield in zijn toespraak ook een pleidooi voor amnestie alsook voor de godsvrede in de Vlaamse beweging. Een oproep om boven de politieke verschillen een blok van nationale eenheid te vormen van eerlijke mensen.

VOS krant 8 augustus 1937 (Uit het Archief Jan de Beule)

De 19de  IJzerbedevaart vindt plaats op 21 augustus 1938.

Men voelde aan dat er een nieuwe wereldoorlog dreigde wat uiteraard een catastrofe zou betekenen voor ons volk en de mensheid.

In zijn toespraak drukte Frans Daels de hoop uit dat de vrede zou bewaard blijven en dat nieuw bloedvergieten zou worden vermeden.

De nooit meer oorlog gedachte van de IJzerbedevaarten lijk op deze moment een ijdele hoop te zijn.

Herdenkingsteken en programmaboekje IJzerbedevaart 1938 (Uit het Archief Jan de Beule)

In de crypte van de IJzertoren werden de eerste platen aangebracht met de namen van 10000 gesneuvelde Vlaamse soldaten gerangschikt per gemeente.

Gebeurtenissen IJzerbedevaart 1939 (Uit het Archief Jan de Beule)

Het IJzerbedevaart comité houdt ook traditiegetrouw op 11 november een herdenking voor het einde van de van de eerste wereldoorlog.

Deze herdenkingen zijn niet de massa bijeenkomsten zoals wij ze kennen van de IJzerbedevaarten maar een kleinere ingetogen plechtigheid in een kleinere kring van getrouwen.

Dit jaar werd op 11 november de zogenaamde ‘vredessteen’ in de crypte van de IJzertoren ingemetseld.

ons volk 21 augustus 1938 (Uit het Archief Jan de Beule)

Strijd weekblad van het Vlaams Nationaal Verbond V.N.V. 28 augustus 1938  (Uit het Archief jan de Beule)

Dit brengt ons bij de laatste IJzerbedevaart voor het uitbreken van de tweede wereldoorlog op 20 augustus 1939.

Het werd een zeer ingetogen IJzerbedevaart omdat men nu echt de donkere wolken boven de wereldvrede ziet samentroepen.

Twee weken na deze IJzerbedevaart zullen de eerste schoten vallen die de tweede wereldoorlog zullen inluiden.

Herdenkingsteken en programmaboekje IJzerbedevaart 1939 (Uit het Archief Jan de Beule)

De Vlaamse Oud-strijders brengen met zeer grote eer hun oude VOS vlaggen naar de IJzertoren waar ze als relikwieën en een blijvende herinnering zullen bewaard worden. De overhandiging van nieuwe nieuwe vlaggen is een zeer groots en plechtig moment.

Volk en staat 20 augustus 1939 (Uit het Archief Jan de Beule)

originele foto met zicht op de 20de IJzerbedevaart (Uit het Archief Jan de Beule)

De Oorlogsbedevaarten

Op 10 mei 1940 gebeurde wat er al geruime tijd in de lucht hing en valt Duitsland België binnen, een veldtocht die 18 dagen zal duren.

Er was op aangedrongen door Duitsland om een vrije doorgang naar Frankrijk te krijgen door ons land maar door de militaire akkoorden die er waren gesloten met Frankrijk en België werd dit geweigerd.

Het Belgische leger werd gemobiliseerd om de Duitse troepen een halt toe te roepen, maar dit bleek tevergeefs.

De Duitse stormloop was niet te stoppen.

De verdeeldheid in alle gelederen van de Vlaamse beweging was groot en dit had uiteraard zijn weerslag.

Vele Vlaams Nationalisten hadden zoals ook vele anderen een hoop gesteld op de ‘nieuwe orde’ die waarvan ze dachten dat deze de wereld definitief zou veranderen en waarin Vlaanderen een mooie plaats zou krijgen.

Deze plaats zouden ze verdienen en afdwingen door actief mee te werken met Duitsland en de gehele nieuwe orde beweging en daarom werd er door een deel van de bevolking gekozen voor de collaboratie.

Dit was niet voor iedereen vanzelfsprekend want er werd ook door een aanzienlijk deel mensen gekozen voor het actieve verzet tegen de nieuwe orde.

Hoe dan ook zal deze gebeurtenis tot op de dag van vandaag zijn invloed hebben op de Ijzerbedevaart en de Vlaamse beweging in het bijzonder.

Krant de nieuwe gazet 10 mei 1940 (Uit het Archief Jan de Beule)

Pamflet verspreid onder het Belgische leger in mei 1940 (Uit het Archief Jan de Beule)

Tijdens de bezetting 1940-1944 waren grote ‘massa’ bijeenkomsten verboden. Van een IJzerbedevaart zoals we die kenden uit de jaren 20 en 30 kon dus absoluut geen sprake zijn. Toch werd er door de Duitse bezettingsmacht tijdens deze periode wel degelijk toestemming gegeven aan het Ijzerbedevaart comité om een Ijzerbedevaart te houden in beperkte kring. De vijf Ijzerbedevaarten die zullen worden gehouden tijdens de bezetting worden ook wel de ‘vergeten’ Ijzerbedevaarten genoemd omdat ze na de oorlog niet worden meegeteld bij de officieel telling van het aantal bedevaarten. Voor een goede kijk op deze bedevaarten verwijs ik zeer graag naar het boek van Pieter Jan Verstraete en Carlos Van Louwe: De oorlogsbedevaarten, kroniek van de ‘vergeten’ Ijzerbedevaarten 1940-1944. Dit boek is een absolute aanrader en hier staat onverbloemd en zonder omwegen een duidelijke en glasheldere beschrijving van deze zeer bewogen periode.

Boek Pieter Jan Verstaete en Carlos van Louwe. (Uit het Archief Jan de Beule)

De Ijzerbedevaard van 18 augustus 1940 stond in teken van de wereldvrede. 

Herkenningsteken, programmaboekje en affiche van de 21ste IJzerbedevaart 1940 (Uit het Archief Jan de Beule)

Algemeen Nieuws 19 augustus 1940 (Uit het Archief Jan de Beule)

De Ijzertoren draagt toen reeds de duidelijke sporen van de oorlg. Bij de gevechten in de meidagen van 1940 werd er een groot gat geslagen in de toren door een Engelse vliegtuigbom en werd ook de brug over de Ijzer alsook het secretariaat van de Ijzerbedevaart en de tevens woning van de familie Clemens De Landsheer volledig vernield.  

Duitse soldaten voor de Ijzertoren die door een engelse vliegtuigbom op 30 mei 1940 werd beschadigd (Uit het Archief Jan de Beule)

Postkaart vernielde beschadigde Ijzertoren en vernielde Ijzerbrug mei 1940 (Uit het Archief Jan de Beule)

postkaart vernield secretariaat van het Ijzerbedevaart comité mei 1940 (Uit het Archief Jan de Beule)

De toren werd getroffen door een Engelse vliegtuigbom. Ijzerbedevaart  24 augustus 1941. Professor Frans Daels maakte een bewuste keuze met het Ijzerbedevaart comité om in de geest van de Frontpartij te laten plaatsvinden en om zo een plaats voor Vlaanderen op te eisen in de nieuwe wereldorde. 

herkenningsteken en programmaboekje Ijzerbedevaart 1941(Uit het Archief Jan de Beule)

Volk en kultuur 23 augustus 1941 
(Uit het Archief jan de Beule)

Volk en staat 26 augustus 1941

(Uit het Archief Jan de Beule)

Herkenningsteken en programmaboekje 23 ste IJzerbedevaart 1942
(Uit het Archief Jan de Beule)

Volk en kultuur 23 augustus 1942 
(Uit het Archief Jan de Beule)

Herkenningsteken en programmaboekje 24 ste IJzerbedevaart 1943 (Uit het archief Jan de Beule)

Originele foto van de optocht naar de crypte tijdens de oorlogs bedevaart door het NSJV. (Uit het Archief Jan de Beule)

Herkenningsteken 25ste IJzerbedevaart 1944
(Uit het Archief Jan de Beule)

De Nationaal Socialist 26 augustus 1944. Krant en originele foto oorlogsbedevaart. (Uit het Archief Jan de Beule)

Naar mate de oorlog vorderde en de ‘bevrijding’ in september 1944 dichterbij kwam nam de haat tegen alles wat van ver of dicht met collaboratie had te maken ongeziene vormen aan. Mede door de voortdurende oproepen van de gevluchte Belgische regering via radio London om wraak te nemen en mensen uit de collaboratie om te leggen alsook aanslagen te plegen werd er een vorm van legitieme moord en geweld in het leven geroepen tegen alles wat Vlaamsgezind was en hoopte men om zo definitief af te rekenen met de Vlaamse Beweging en zeker ook met de Ijzerbedevaart en de Ijzertoren die al vele jaren een doorn in het oog waren van de Belgische machthebbers. Op 8 mei 1945 was de tweede wereldoorlog officieel ten einde en woede de repressie in Belgie al sinds 6 september 1944. In regeringskringen werd er openlijk gesproken over de totale vernietiging van de Ijzertoren maar zou men wachten tot het juiste moment om dit te doen. In de nacht van 15 op 16 juni 1945 werd dan ook een eerste poging ondernomen om de Ijzertoren met de grond gelijk te maken. Door middel van springstoffen werd getracht de toren volledig te vernielen toch lukte dit niet maar werd de toren wel zeer zwaar beschadigd. Er werd een gat geslagen van 2 meter breed en 10 meter hoog maar de toren bleef overeind. De rijkswacht maakte hierover een uitgebreid verslag maar men vond het voor de rest niet nodig om een onderzoek naar de daders in te stellen. Deze mochten in opdracht van de regering en de Belgische overheden niet worden gevonden, zeker ook omdat hun werk maar ten dele gelukt was. 

Postkaart Ijzertoren na de eeste aanslag in 1945 (Uit het Archief Jan de Beule)

Dat een tweede poging tot definitieve vernieling van de toren in de lucht hing was geweten door vriend en vijand en gebeurde ook in de nacht van 15 op 16 maart 1946. Bij deze tweede aanslag werd de toten in zijn geheel vernield en blijft van het fiere Ijzermonument enkel een berg puin over. De Belgische regering en het repressie apparaat had zijn zin gekregen en de Ijzertoren onderging hetzelfde lot dan de Heldenhulde zerkjes van de Vlaamse frontsoldaten. Men dacht voorgoed te hebben afgerekend met de Ijzerbedevaarten en de Vlaamse Beweging. 

Postkaarten tweede aanslag op de Ijzertoren in maart 1946 (Uit het Archief Jan de Beule)

Er werd deze keer wel een ‘onderzoek’ ingesteld en zelfs 2 mensen gearresteerd uit de vooraanstaande gerechtelijke en politieke wereld. Het onderzoek verloopt zeer moeizaam omdat ook de druk uit de politieke wereld zo groot was om de daders niet te vervolgen. Er werden zelfs meerdere onderzoekers uit hun ambt ontzet of geschorst omdat ze te goed deden e er zo van werden beschuldigd dat ze zich op sleeptouw lieten nemen door de Vlaamsgezinde pers die in die tijd nog maar zeer miniem aanwezig was. Op 2 juni 1951 werden de twee verdachten door het hof van inbeschuldigingstelling in Gent vrijgesproken en werd er zo een definitief einde gemaakt aan het onderzoek. 

Rommelpot 28 juli 1946 (Uit het Archief Jan de Beule)

Het Belgische bestel dacht met het opblazen van de Ijzertoren nu wel voorgoed afgerekend te hebben met de Ijzerbedevaart maar niets bleek minder waar.  1946, direct na de tweede wereldoorlog werd al een initiatief gedacht ter vervanging van deze Ijzerbedevaart. Men kan er niet om heen dat vooral in de christelijke kringen hier werk van gemaakt werd. Het was natuurlijk een recuperatie poging omdat men zijn kans schoon zag greep te krijgen op de restanten van de Nationalistische beweging. Vele kinderen waarvan de ouders in gevangenschap vertoefden waren naar wat men noemt ‘thuisloos’ en men wou deze rekruteren voor de vele organisaties van de christelijke beweging rijk was. Ook de Vlaamse pers werkte hier gretig aan mee en zorgde ermede voor dat dit alles bij elkaar een goed geoliede machine was geworden. Er werd een ‘Voorlopig comité tot herstel van het Ijzerkruis’ in het leven geroepen waarin verschillende groeperingen en bekende personen bij waren aangesloten. Op 28 april 1946 had er dan ook een jeugdbedevaart voor Eerherstel plaats waarvan de katholieke jeugdbewegingen zoals Chiro en Kajotters de grote promotors waren.

Affiche jeugdbedevaart 1946 (Uit het Archief Jan de Beule)

Volgens verslagen van de Belgische staatsveiligheid waren er zo een 1500 aanwezigen die werden toegesproken door onder meer pater Lode Aerts en radiodirecteur Jan Boon in aanwezigheid van Kamervoorzitter Frans Van Cauwelaert. Radicale taal werd er zeker niet gesproken en toch deelde de Franstalige Minister Buisseret mee dat de bedevaartgrond zou worden onteigend om er een nationaal monument op te richten. 

Persartikel uit de zondagsvriend van 2 mei 1946 (Uit het Archief Jan de Beule)

De repressie die na de tweede wereldoorlog zeer hard toegeslagen had op de Vlaamse beweging had er uiteraard ook gevolgen voor het Ijzerbedevaart comité. Vrijwel ieder lid van dit comité zat opgesloten in de gevangenis en er werd een nieuw comité in het leven geroepen. De voorzitter van dit comité, Professor Fransen nam deze moeilijke taak in een nog moeilijkere tijd op zich. Professor Fransen wilde de ijzerbedevaart in dezelfde geest als voor de tweede wereldoorlog verderzetten, de geest van de frontsoldaten uit de eerste wereldoorlog. Hij werd dan ook het mikpunt van laster en eerroof en werd er zelfs een bomaanslag gepleegd op zijn woning.

artikel uit het nieuwsblad van 20 augustus 1948 naar aanleiding van de bomaanslag tegen professor Fransen , de voorzitter van het bedevaartcomite, enkele dagen voor de ijzerbedevaart (Uit het Archief Jan de Beule)

In 1948 werd het puin van de vernielde Ijzertoren geruimd en wed zo de vroegere crypte onder de Ijzertoren blootgelegd. Met dit puin werd op de fundamenten van de ouder toren een eenvoudig wit kruis gemetselde met AVV-VVK en de tekst: ‘Hier liggen hun Lijken als zaden in ’t zand. Hoop op de oogst o Vlaanderland’ samen met een grote Blauwvoet. Enkele meters dichter naar de IJzer werd eveneens met dit puin de PAX-poort gebouwd waarin de vernielde beelden van de IJzer symbolen werden verwerkt. De eerste steen hiervan werd gelegd op 22 mei 1949.

Originele postkaarten van het pas gebouwde kruis met blauwvoet en de pas gebouwde PAX poort (Uit het Archief Jan de Beule)

Uit organisatorische redenen werd er dan vanaf 1948 de traditionele Ijzerbedevaart verder gezet. Op 22 augustus 1948 vindt dan de 21 Ijzerbedevaart plaats. Zoals voorheen al vermeld werden in de telling van de Ijzerbedevaarten de oorlogsbedevaarten niet meegerekend zodat met zogezegd met een propere lei de 21e Ijzerbedevaart kon aanvangen. Het werd de bedevaart van de Verrijzenis.

Herdenkingsteken en programmaboekje Ijzerbedevaart 1948 (Uit het Archief Jan de Beule)

Op deze Ijzerbedevaart waar de traditionele ingrediënten aanwezig van de vooroorlogse bedevaarten en kwamen zo een 12000 bedevaarders opdagen. Er werd, niet zonder reden, gevreesd voor incidenten met Belgicistische demonstranten die niet opgezet waren met de herneming van de bedevaart. De overheid had dan ook niets aan het toeval overgelaten en had de rijkswacht in grote getallen opgetrommeld en voerde ook zeer scherpe controles uit. Alles verliep echter in alle rust en vrede. Wel was er een nieuw fenomeen opgedoken tijdens deze bedevaart. Naast de vele  leeuwenvlaggen en de PAX-vlag wapperde er ook een Belgische driekleur op de bedevaartweide.

Dit kon op niet veel begrip rekenen bij de meeste bedevaartgangers.

Persartikels naar aanleiding van de 21e ijzerbedevaart in 1948 (Uit het Archief Jan de Beule)

De 22e Ijzerbedevaart op 21 augustus 1949 startte in een zeer gespannen sfeer omdat er een afvaardiging was van ‘weerstanders’ die het ‘Comité voor Actie en Waakzaamheid’ hadden opgericht met als doel de Ijzerbedevaarten een Vaderlandslievend karakter te geven. Deze Franssprekende delegatie hield zich echter redelijk terughoudend tegenover de 30 000 aanwezigen.

Herdenkingsteken en programmaboekje Ijzerbedevaart 1949 (Uit het Archief Jan de Beule)

Mede door de gedisciplineerde houding van de bedevaarders kwam het niet tot incidenten. De programmaleider Hein Nackaerts sprak de woorden: ‘Wat haat vernielt, wordt alleen door liefde wederopgebouwd, niet alleen onze vroegere, glorierijke Ijzertoren, ook ons ganse Vlaamse land, ook ons ganse Vlaamse Volk.’

persartikels en nieuw lied Ijzerbedvaart 1949 (Uit het Archief Jan de Beule)

De Ijzerbedevaart van 1950 en 1951 verliepen in een goede sfeer al werd er duidelijk gezocht naar profilering door verschillende groepen. Zo waren er op de bedevaart van 1950 niet minder dan 5 Vlaamse ministers aanwezig maar ook de door repressie getroffen Vlaamse beweging was aan een her opstanding begonnen. De jeugd van repressie ouders organiseerden zich in vele verschillende volksdansgroepen en jeugdbewegingen waarvan het Algemeen Diets Jeugd Verbond wel de bekendste groep was. Ook de veroordeelde ‘collaboratie’ veroordeelden die bij mondjesmaat werden vrijgelaten organiseerden zich.

Herdenkingsteken en programmaboekje IJzerbedevaart 1950 en 1951 (Uit het Archief Jan de Beule)

In 1951 werd symbolisch een paal in de grond geslagen op de plaats waar de nieuwe Ijzertoren zou worden gebouwd.Ook Professor Frans Daels die door de oorlogsomstandigheden was uitgeweken naar Zwitserland stuurde een boodschap van hoop en ondersteuning voor de bedevaarders. Er werden uiteraard ook vele initiatieven genomen voor geldinzameling voor het financieren van de nieuwe Ijzertoren. Zo werd er in 1951 een heuse Heldenhulde tombla georganiseerd die een enorm succes kende.

affiche en tombolalotje voor inzameling geld voor nieuwe Ijzertoren. (Uit het Archief Jan de Beule)

Tijdens de 25e Ijzerbedevaart op 25 augustus 1952 legde professor Fransen de eerste steen van de nieuwe Ijzertoren. Deze nieuwe toren zou worden gebouwd op model van de eerste Ijzertoren onder leiding van architect Van Aeverbeke die ook het eerste ontwerp had getekend.

Herdenkingsteken en programmaboekje IJzerbedevaart 1952 (Uit het Archief Jan de Beule)

Het bouwwerk van de toren werd toevertrouwd aan Lode van der Kinderen uit Bazel, het geboortedorp van de bekende Fronter Amedee Verbrugge.

persartikel de Standaard 24 augustus 1952 (Uit het Archief Jan de Beule)

De 26e Ijzerbedevaart in 1953 verliep weer in alle rust en vrede zonder noemenswaardige incidenten, dit in tegenstelling tot de 27e Ijzerbedevaart in 1954.

Herdenkingsteken en programmaboekje IJzerbedevaart 1953 en 1954 (Uit het Archief Jan de Beule)

Hier kwam het vrij onverwacht tot vrij ernstige incidenten met de aanwezige rijkswacht. Een groep van een 50-tal jongens uit Nationalistische jeugdbeweging groepen trokken al zingend naar hun kampplaats over de grote markt in Diksmuide en dit was niet naar de zin van de bevelhebbende Rijkswacht commandant Herlant. Deze man aanzag dit als een betoging en provocatie en gaf het bevel deze groep jonge mensen aan te houden.

Hierop kwam het tot korte maar hevige gevechten met de bereden Rijkswacht. Herlant was dezelfde man (toen nog officier) die in 1930 zijn troepen losliet op de bedevaarders in Diksmuide met zware rellen en tal van gekwetsten tot gevolg en was ook de kolonel die Franstalige Weerstanders in bescherming nam tijdens de Ijzerbedevaart in 1949. 

krant De Standaard van 22 augustus 1954 (Uit het Archief Jan de Beule)

Wordt vervolgd.
Geschreven door : Jan De Beule.